Wendbaarheid - de zigzag

1 maart 2013 17:00
Wendbaarheid - de zigzag

Voor een voetballer is het van groot belang dat hij bewegingsvaardig is. Hij moet snel kunnen sprinten, over snel voetenwerk beschikken, hoog kunnen springen en wendbaar zijn.
De volgende oefening ontwikkeld de wendbaarheid.

Instructie:

1.   Je sprint 8 meter vooruit en na de draai sprint je 4 meter terug.
2.   Dit herhaald zich in het parcours, totdat je 20 meter terug sprint.
3.   Doe dit 2 keer, waarbij je een parcours linksom en rechtsom uitvoert. Neem voldoende rust tussen de
      herhalingen door.
4.   Draai tijdens het draaien je lichaamszwaartepunt in. Let erop dat je met je buitenste been afzet en dat je
      spanning houdt op je kuit waarmee je afzet, zodat je op je voorvoeten blijft voortbewegen. Maak jezelf in de
      bochten klein, waarbij je de oefenvorm op maximale snelheid uitvoert.

Hoe pas ik dit toe in de wedstrijd?:

Wanneer je aan de bal bent, kan je met een wendbaarheid de tegenstander op het verkeerde been zetten. Verdedigend ben je niet te passeren.

Weerstand:

Geen